Waarom is het op bepaalde plaatsen altijd natter/neveliger dan elders?
Wees gerust, elk plaatsje in België krijgt zijn jaarlijkse hoeveelheid neerslag. Het is dus niet zo dat bepaalde plaatsen absoluut immuun zouden zijn voor regen. Als we gedurende voldoende lange tijd (30 jaar) waarnemingen verrichten op een welbepaalde plaats, zal het aantal toevaltreffers (een felle bui, onweer, hevige rukwinden, blikseminslag) evolueren naar een normaal landelijk gemiddelde.

Maar het is wel zo dat er regionale verschillen bestaan. Meest bekend is natuurlijk het verschil tussen de kust en het binnenland : Oostende 670 mm per jaar, Ukkel 780 mm per jaar. Aan zee regent het minder dan in het binnenland, vooral omdat er minder buien vallen.

Volgens sommige onderzoeken is het ook droger aan de westkust (De Panne) dan aan de oostkust (Blankenberge), maar daarover bestaat geen absolute zekerheid. Wel krijgt de kust meer zonuren dan het binnenland. Aan het strand ongeveer 150 uur meer zonneschijn per jaar dan in Ukkel. Het surplus aan zonneschijn is vooral opvallend tijdens het zomerhalfjaar. Regenzones en wolken blijven langer treuzelen over het binnenland.

De Ardennen vervullen in elk geval de rol van regenvanger. Omdat de lucht door het reliëf wordt gedwongen te stijgen, valt er (veel) meer neerslag dan in Vlaanderen.

In sommige gebieden treedt ook meer nevel of mist op. Dikwijls hangt dan samen met het reliëf en/of met een waterloop. Hier en daar verwijzen namen trouwens naar een zeer mistig verleden: Nevele, of het land van Waas.


Nog andere vragen?